Tien keer tussen de Zwitserse bergen

Zwitserland bergen

‘Het mooiste aan Zwitsersland is de natuur,’ las ik ergens. En dat klopt. Zwitserland ís natuur. Alpenweiden, besneeuwde bergtoppen, watervallen, je ziet ze vanuit alle ooghoeken. Mooie steden en blauwe meren heeft het ook én je kunt er veel sportieve activiteiten ondernemen. Frans, Duits, Italiaans, Engels, met alle talen kun je uit de voeten en in alle hoeken van het land die buitenlandse sferen ervaren. Zwitserland stond niet per se op mijn bucketlist, maar het grillige coronabeleid trok ons deze zomer over de grens. En nu wil ik graag een keertje terug. 

1. Brienzersee
In Centraal-Zwitsersland ligt rechts van Interlaken de Brienzersee; blauw, helder en behoorlijk koud. De camping eraan met uitzicht op de groene bergen was prachtig. Helaas waadden we binnen 48 uur tot boven onze enkels door het water en bleef het water maar over de de kade de camping op lopen. Veel te snel moesten we vertrekken. 

2. Bern
De regen zorgde ervoor dat we al na een nacht een drogere bestemming moesten zoeken, dat werd de hoofdstad Bern. Met meer dan zes kilometer arcades in de binnenstad vonden we hier de langste overdekte winkelpromenade van Europa. Ook de middeleeuwse gebouwen, gezellige pleinen en kolkende Aare die rondom de binnenstad slingert, zorgden voor een prettige sfeer en zelfs wat zonneschijn.  

3. Autotrein
De bergpas naar de provincie Wallis in het zuiden van Zwitserland was afgesloten (ja, vanwege de regen). De enige route liep daarom via de autotrein. Station Kandersteg vonden we hoog in de bergen. De reis ernaartoe was door de laaghangende wolken een ervaring op zich. Op een bruine, open trein hobbelden we in twintig minuten door de bergen en een lange tunnel naar onze plaats van bestemming.

4. Dalaschlucht in Leukerbad
Gewapend met paraplu en jas gingen Nynke Mirte en ik op weg voor een wandeling in Leukerbad, bekend om haar warmwaterbronnen. De autorit door de wolken de berg op was steiler dan verwacht, maar omkeren kon niet. Uiteindelijk maakten we een spectaculaire wandeling door de Dalaschlucht, een kloof waar we een hangbrug overstaken en over een soort steiger langs de rotswanden klauterden. Waar het weer herfstachtig aandeed, bleek het thermale water dat uit de rotsen sijpelde warm te zijn. Uiteindelijk zorgden de regen en mist voor een bijzonder mystieke sfeer. De rest van ons reisgezelschap moest deze kloof ook zien, daarom herhaalden we de wandeling op een zonnige dag nog eens met z’n vijven.  

5. Aletschgletsjer
Vanuit Fiesch bracht een kabelbaan ons naar Eggishorn, vanwaar we een prachtig uitzicht hadden op de Aletschgletsjer, de grootste en langste ijsstroom van de Alpen. We bevonden ons wederom in de wolken waardoor we in een soort sprookjeswereld leefden. Eén kabelbaantje terug bracht ons naar Fiescheralp waarvandaan we in vijf kwartier naar Bettmeralp liepen door een schilderachtig decor: groene Alpen, witte bergtoppen, blauwe lucht en roze bergbloemen (zie foto boven deze blog). In Bettmeralp namen we opnieuw de kabelbaan naar een ander uitzichtpunt voor de gletsjer. Weer met beide benen op de grond, bracht de trein ons terug naar Fiesch.

6. Meer van Genève
Na een week bergen en zwembad wilde ik graag naar een meer. Montreux lag op een uur rijden van onze camping en het Meer van Genève kenden we, dat was sowieso prachtig. Het was dan ook heerlijk om in het blauwe water van dit grootste Alpenmeer te dobberen met de bergen om ons heen waar de mondaine badplaats tegenaan gebouwd is. Een welkome afwisseling tussen al dat wandelen en berggeweld.

7. Lac de la Brèche
Vanaf de snelweg terug uit Montreux zag ik vanuit mijn ooghoek blauw water. Ik zocht de plek op google maps en vond verstopt tussen de bomen Lac de la Brèche. Een helder, blauw meer op slechts een half uurtje rijden vanaf onze camping. Het bleek een rustige plek waar we via een wandeling vanuit een klein dorp konden komen. Dit heldere blauwe water omringd door bomen en groene bergen werd de parel van onze vakantie.

8. Zermatt en de Matterhorn
Yke wilde meer bergen en met de tandradtrein naar de Matterhorn was het plan. Pas bij de ticketverkoop kwamen we achter de prijs, die zo’n € 100,- p.p. was. Het werd daarom een wandeling door het toeristische Zermatt – waar we ook alleen maar met de trein konden komen – en een Italiaans ijsje voor de hoofdprijs, maar hé, we zagen de rotsige punt van de Matterhorn de lucht in steken en dat was uiteindelijk het doel.

9. Klimpark
Eem zomervakantie zonder bezoek aan een klimpark kan ik me nauwelijks heugen. Deze keer reden we opnieuw naar Fiesch, waar het klimpark op een groot sportcomplex lag. Niet heel mooi in de bossen, wel uitzicht op de bergen en met spectaculaire routes, waardoor de klimmers moe maar voldaan waren na de zware parcoursen waar ze onder andere fietsend door de lucht gingen.

10. Wandeling naar de Jolischlucht
De laatste dag van de vakantie wilde mijn reisgezelschap ´niks´, dus ging ik alleen op pad. In het boekje met wandelroutes zocht in een route dichtbij de camping, maar wel spectaculair, een graadje moeilijker ook dan de wandelingen die we tot nu toe met z’n allen hadden gedaan. In het kort: de bergroute was steil, ik kwam terecht in een machtige kloof waar het water uit de bergen naar beneden denderde, moest over richels naast de afgrond van maximaal 30 cm breed, door een grot en over een hangbrug. Ik liep verkeerd en zag donkere wolken op me afkomen terwijl de donder door de bergen galmde waardoor ik rennend de berg af wilde en steken in mijn knieën kreeg. Avontuur! In mijn eentje. Dat verdient een eigen blog. Wordt vervolgd dus 😊.

Deze Lentekrabbels lees je misschien ook graag

Tien keer tussen de Zwitserse bergen

2 gedachten over “Tien keer tussen de Zwitserse bergen

  1. Weer heerlijk genoten van je vakantieverhaal. En ik ben heeeeeeel benieuwd naar je blog over je avontuur bij de Jolischlucht!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Schuiven naar boven