Tirza Kingma

De zonnige zuidkust van Bretagne

De kust van Zuid-Bretagne

In het zuiden van Bretagne maakt de zon overuren, hij schijnt er bijna net zoveel als in Zuid-Frankijk. Je vindt er prachtige baaien en langgerekte stranden, kunt er fietsen door de bossen en wandelen over de rotsachtige kust die in heel Bretagne 1200 kilometer beslaat. Pittoreske dorpjes, luxe boten in de havens en die heerlijke beach vibe vind je er ook. En dan is er nog een groot voordeel van een vakantie in Bretagne: op de wegen richting de stranden kun je gewoon doorrijden, op parkeerplaatsen is altijd plek en ook op het strand vind je alle ruimte.

Carnac 
Carnac is een gezellige badplaats in het zuiden van Bretagne. Naast een aantal grote, witte villa’s bezit het meerdere stranden, sfeervolle restaurants en een authentiek centrum. Een paar keer per week is er een drukbezochte markt. Carnac betekent in het Keltisch steen of rots en is een van de belangrijkste prehistorische plaatsen ter wereld vanwege een groot aantal menhirs dat in de omgeving staat. 

La grande Plage CarnacLa grande Plage in Carnac

Menhirs
Een menhir is vertaald in het Bretons: een lange steen die rechtop staat. Wij liepen er vanaf onze camping zo naartoe terwijl er busladingen met mensen op af kwamen; zo’n 350.000 toeristen per jaar. De stenen staan in lange, parallelle rijen in het glooiende landschap. Het zijn gewoon stenen, natuurlijk, maar het feit dat ze er tussen 4500 en 2000 jaar voor Christus naartoe zijn gesleept, er alleen al in deze omgeving drieduizend staan en de reden waarom ze er liggen niet bekend is, maakt ze toch wat mysterieus. Mogelijk zijn ze gebruikt om aan de hand van de zonstand een kalender te maken voor de akkerbouw of hebben ze een religieuze betekenis.

Langs de menhirs gaat een mooie fietsroute van twaalf kilometer, de ‘Route des Alignments’. 

Menhirs CarnacMenhirs bij Carnac

Quiberon
In het uiterste zuiden vind je het schiereiland Quiberon. Je rijdt er langs een mooie baai naartoe en hebt vervolgens de keuze het westen of het oosten te bezoeken. Aan de oostkust vind je het dorpje St. Pierre-Quiberon met een rustige zee en een idyllisch strand achter de witte huizen en Bretonse stadsmuur. Verderop, aan het einde van het schiereiland, vind je de veel grotere en drukkere badplaats Quiberon. De oostkust beslaat hoge duinen, brede zandstranden en een ruige zee. Over de kale, bijna verlaten duinen kun je prachtig wandelen langs de inhammen van de granieten rotskust.

Strand in St. Pierre-Quiberon

Pont-Aven
Pont-Aven is een romantisch dorp aan het Bois d’Amour, het bos van de liefde. Schilder Paul Gaugain woonde hier een aantal jaar en zette er een kunstenaarskolonie op. Tijdens een wandeling door het bos loop je langs de rivier de Aven naar het gezellige dorp en een klein parkje. Onderweg kom je schilderijen van Gaugain tegen van de plekken die hij heeft geschilderd. Je kunt hier prima zelf met je schildersezel gaan zitten of je vergaapt je in de vele galeries aan de kunstwerken die daar hangen.  

Het schilderachtige Pont-Aven

Concarneau
Iets verder naar het westen bezochten we in Concarneau een oude ommuurde stad, Ville Close, die op een eiland ligt naast een grote haven. Iedereen wil deze bijzondere, populaire bestemming aan de zuidkust bezoeken, stond in de reisgids en dat deed ‘iedereen’ dan ook. Schuifelend in de mensenmassa liepen we door een oude poort en over een plein waar muziek werd gemaakt. De enige straat in het dorp was een aaneenschakeling van souvenirshops en restaurants waar je voor een ijsje veel te lang in de rij moest staan. ‘Het lijkt wel China,’ zei Wen, alleen liepen we nu tussen drommen Europeanen. We klommen snel de stadsmuur op waar het hoog boven de mensenmassa een stuk aangenamer was en we bovendien prachtige vergezichten hadden op de zee die de oude stad omringd.

ConcarneauDe ommuurde stad Concarneau

Locmariaquer
In het noorden van Bretagne, langs de Smaragdkust, vond ik de wandelpaden langs de hoge, groene rotskust het allermooist, in het zuiden de vele baaien langs de blauwe zee. In de omgeving van Locmariaquer vind je die volop. Locmariaquer ligt op de kruising van de Baai van Quiberon en de Golf van Morbihan, voor de kust liggen veel kleine groene eilandjes. De route vanaf Carnac gaat langs de schilderachtige haven in La Trinité-sur-Mer waar de witte schepen prachtig afsteken in het blauwe water. Vervolgens rijd je een wereld binnen van authentieke huizen: wit of gebouwd van natuursteen met blauwe luiken. Hier kun je fietsen, wandelen, stranden bezoeken aan een bos of met uitzicht op de haven en er ligt de grootste menhir ter wereld.

LocmariaquerWandelpad langs de kust bij Locmariaquer

En verder
In de omgeving van Carnac is nog veel meer te doen. Houd je wel van een beetje uitdaging, dan is een bezoek aan het Adrenalinepark nabij Carnac een aanrader. Het ligt in een prachtig bos en heeft een tokkelbaan van maar liefst 180 meter lengte. Vanuit Quiberon vertrekken veerboten naar drie eilanden voor de kust, waaronder het schilderachtige Belle-Îlle. Hier kun je in de voetsporen treden van de schilder Claude Monet die in 1886 een tijdje op het eiland verbleef en er 39 schilderijen maakte, onder andere van de kleurrijke rotsen voor de kust. Ten oosten van Locmariaquer vind je aan de Golf van Morbihan het gezellige stadje Vannes. 

Deze Lentekrabbels lees je misschien ook graag:

De zonnige zuidkust van Bretagne

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Schuiven naar boven